Cor van Brug (80) had tijd van zijn leven op sleepboten van P. Smit

‘Dat ik machinist wilde worden en geen kapitein, dat is genetisch be-paald.’ Volgens zijn moeder wist Cor van Brug (80) het al toen hij vijf jaar was. Dat was misschien vroeg, maar niet vreemd. Niet alleen zijn vader, maar ook zijn grootvader werkte in de machinekamer. De eerste op een ‘moderne’ sleper, de tweede op een stoomsleepboot.

De liefde voor de machine begon aan boord van de stoomsleeboot. Cor’s grootvader voer voor sleepdienst P. Smit. Op de Haagse dienst. Die sleepte sleepschepen over de Schie, via Delft naar Den Haag. In het weekend lag de sleper afgemeerd in de Parkhaven. ‘Dan nam opa mij mee als hij ging kijken of het vuur in de ketel er nog goed bijlag. Het gezin Van Brug woonde vlakbij de Nieuwe Maas, dichtbij de Feijenoordkade, vader voer bij Van Ommeren, dus vrouw en kinderen bleven thuis. In de buurt wemelde het van de schippers, kapiteins en machinisten, veel ervan uit de Rijnvaart. De kinderen uit de buurt zwommen tussen de sleepboten die lagen afgemeerd aan de kade. ‘Veel Duitse radersleepboten, die mensen vonden het wel leuk, die zwemmende jongens.’ Als Cor het vroeg, dan mocht hij in de machinekamer kijken. ‘Die nieuwsgierigheid, die is er altijd geweest.’

LTS
Hij ging naar de technische school voor scheepsbouw toen hij 12 jaar was. ‘Mijn ouders vonden dat iemand die machinist wilde worden ook wel wat machine-bankwerk moest kunnen doen.’Toen hij klaar was met de LTS deed Cor een vervolgopleiding bij scheepswerf Wilton-Feijenoord, waar zijn vader inmiddels werkte. Hij leerde omgaan met draai- en freesbanken en toen hij 16 was stapte hij met zijn diploma op zak naar sleepdienst P. Smit. Hij kon meteen beginnen als matroos-motordrijver. Cor keek met bewondering naar de tientallen sleepboten die het bedrijf rijk was. De A-boten vond hij het mooist. Het waren de grootste en sterkste boten voor de stad, ze sleepten zeeschepen van de rivier naar een aanmeerplek. Toen hij op zo’n A-boot aan het werk kon, was hij dolblij. Al draaide hij er diensten van 12 uur, van half 6 tot half 6, overdag of ’s nachts. ‘We sleepten binnenkomers of weggaanders. Ons gebied heette “Voor de stad”, dat liep vanaf de Maasbruggen tot Pernis als het er druk was. Daar werkten we dan de tankers naar binnen.’

Lees het gehele artikel op de bron: Corine Nijenhuis

Afbeelding: Cor van Brug aan het werk op de Frankrijk, zijn favoriete A-boot van sleepdienst P. Smit. (Foto collectie Cor van Brug)

EOC
RVEN