’Wij hebben geen plaats voor een wrak in de haven’

Wat het lot van de Broeder Isidoor ook wordt, het schip wordt in ieder geval niet terug naar Hoorn gesleept. ,,Wij hebben geen plaats voor een wrak in de haven.’’

Aldus havencoördinator Wijnand Baerken, die bevestigt dat ’enige assistentie’ nodig was om de haringkotter te laten vertrekken. De opvarenden waren volgens Baerken ’wel wat onhandig, ja’. ,,Ze kwamen op eigen initiatief. Wij hebben geassisteerd bij het tanken. Dit is een heel vervelende situatie. Je gaat toch niet zomaar met zo’n schip varen, dat zo lang aan de kant gelegen heeft. Dan denk je wel twee keer na, lijkt mij.’’

Het schip werd vrijdag alsnog in opdracht van Rijkswaterstaat gelicht en dan per drijvend dok naar Zwartsluis overgebracht. Dat gebeurt in principe voor rekening van de eigenaar. Oud-eigenaar Van het Kaar is benieuwd of deze rekening wel betaald zal worden. ,,Ze laten een spoor van ellende achter, ik denk niet eens dat het schip verzekerd is.’’ Hij blijft strijden voor zijn geld. Dat doet de havendienst ook. ,,Er staat hier nog het een en ander open’’, bevestigt Baerken. Voor de Broeder Isidoor lijkt het niet meer uit te maken. ,,Een heel triest einde’’, vindt Van het Kaar. Volgens Baerken ’zijn er al mensen in Hoorn die het schip missen’. ,,Het lag er natuurlijk al zolang. Het was een icoon geworden. Nu is er een kale plek. Maar die is zo weer opgevuld, hoor.’’

Inmiddels zijn er door de gemeenteraad vragen gesteld over de verantwoordelijkheid van de havendienst, die het schip hielpen vertrekken, de haven uit sleepte en dieselolie betaalden terwijl er nog havengeld betaald moest worden en het schip niet zeewaardig was.

De opvarenden die het schip gekocht zouden hebben en nu ook moeten opdraaien voor de bergingskosten waren onbereikbaar voor commentaar.

Lees het gehele artikel op de bron: NHD

Foto: de laatste foto van een varende Broeder Isidoor, foto Douwe Kamstra