Voortvarende vrouwen in de 19e-eeuwse Veenkoloniale Zeevaart

Hendrik Andries Hachmer, directeur van het Veenkoloniaal Museum, heeft over het leven van de vrouwen op de veenkoloniale schepen een rijk geïllustreerd boek gepubliceerd.

In de 19de eeuw speelt de vrouw in de Veenkoloniale zeevaart een belangrijke rol. Ze blijft niet alleen thuis wachten op de terugkomst van haar man en kinderen, maar vaart actief mee. De vloot bestaat hoofdzakelijk uit relatief kleine zeeschepen, variërend van 60 tot 150 ton. Op oude binnenvaartfoto’s zien we de vrouw vaak aan het roer staan. Bij de veenkoloniale zeevaart, die is ontstaan uit deze binnenvaart, staat de vrouw ook haar mannetje.

Uit brieven en correspondentie, maar tevens uit publicaties van tijdgenoten zoals H.J. Top en Anthony Winkler Prins, blijkt dat het, behalve ondernemende, ook goedgeklede en geletterde vrouwen waren. Naast lief is er ook veel leed. Zo blijkt uit het archief van Oude Pekela dat er in 1866 van de vierentwintig personen die op zee overlijden twaalf jonger zijn dan 14 jaar. De kinderen varen dus ook vaak mee. Kortom: de Veenkoloniale zeevaart is in de 19de eeuw een waar familiebedrijf.

Het boek ‘Voortvarende vrouwen in de Veenkoloniale zeevaart’ is zowel verkrijgbaar in het Veenkoloniaal Museum als in hun webwinkel.