Stoomtram gaat rijden met biokool

De vooruitzichten zijn gunstig voor het gebruik van biokool voor het stoken van locomotieven van de Museumstoomtram in Hoorn. Dat zegt museumdirecteur Rene van den Broeke naar aanleiding van een onderzoek om ’geroosterde’ en samengeperste biomassa in plaats van steenkool te gebruiken en zo het rijden met stoomlocomotieven duurzamer te maken.

De eerste officiële rit op biokool met een stoomtram zal worden gemaakt op 14 februari. De eerste testritten zijn geslaagd. Eerder mislukten testen omdat er te veel koolwaterstof in de biokool zat.

De deelnemers aan het onderzoek, dat wordt betaald door de gemeenten Hoorn en Medemblik, zijn, behalve Museumstoomtram Hoorn-Medemblik: ECN, New Energy Coalition en Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord.

Biokool wordt gemaakt door biomassa (bijvoorbeeld hout of gras) te verhitten tot circa 200-400°C zonder zuurstof, waarbij het een structuur krijgt die veel aan steenkool doet denken. Biokool is lichter, het brandt sneller en schoon weg. De tram moet er meer van meenemen. Voordeel is dat het gebruik niet duurder is.

De Museumstoomtram heeft de blauwe SHM 5 locomotief speciaal hiervoor aangepast, onder meer aan de ’exhaust’, waarmee de trek op het vuur wordt geregeld. Hierdoor rijdt deze locomotief nu zelfs met steenkool wat zuiniger, vertelt Van den Broeke.

Het is niet alleen uit oogpunt van duurzaamheid dat het museum graag meewerkt. ,,Wij willen over 150 jaar nog steeds met de stoomtram blijven rijden en kijken graag hoe we dat zo efficiënt mogelijk kunnen doen. Het historische proces moet wel overeind blijven: water aan de kook brengen met vuur van een vaste brandstof, anders kun je de tram net zo goed in het museum stilzetten.’’

Lees het gehele artikel op de bron: NHD

Foto: museumstoomtram Hoorn