Museumschip ‘Seute Deern’ zakt naar de bodem

Op vrijdagavond is het historische zeilschip ‘Seute Deern’ in de haven van Bremerhaven gezonken. Experts onderzoeken nu hoe het schip kan worden geborgen en hersteld. Het schip is twee meter naar beneden gezakt waar het op de bodem ligt. De oorzaak is het uitvallen van de pompen die al jaren het binnenkomende water uit het schip pompen. Het schip was zo lek dat een pompcapaciteit van 150.000 liter per dag nodig is om het drijvend en droog te houden en als restaurantschip te kunnen exploiteren.

Situatie en schip momenteel stabiel
Het gebied rond het monument Bremerhaven is afgesloten. Op dit moment is het schip stabiel, zegt Otten. Volgens de directeur van het Maritiem Museum, waartoe de “Seute Deern” behoort, is het nog niet mogelijk om het over de hoeveelheid schade te hebben. De oorzaak van het ongeval is volkomen onduidelijk. “We kijken nu hoe het schip ligt”, legt Hans-Joachim Möller, expert voor traditionele schepen uit Bremerhaven, uit. “Als een schip vol water is, is er geen stabiliteit, dus we moeten dit beveiligen zodat we aan boord kunnen gaan.”

De experts zullen met luchtkussens werken om de driemaster te stabiliseren. “We moeten absoluut voorkomen dat de ‘Seute Deern’ op Columbus Street valt,” zegt Möller. “We gaan proberen het terug te brengen naar zijn vorige positie.” Op dit moment worden de benodigde apparatuur verzameld, wat volgens Möller enkele dagen kan duren.

Na een brand in februari is het vervullen het tweede ongeluk in het lopende jaar. Het Duitse Scheepvaart Museum (DSM), dat het schip in 1972 van de gemeente Bremerhaven kreeg, had juist een restauratieplan opgesteld. Begrote kosten: 32 miljoen euro. Voor die prijs zou het schip enkele jaren in dok moeten en grondig gerestaureerd worden. Het schip werd in 1919 in Mississippi gebouwd.

EOC
RVEN