De Halve Maen intussen niet meer weg te denken uit de Volendamse haven

De replica van het zeventiende-eeuwse schip De Halve Maen zou ’voorlopig’ in de haven van Volendam blijven liggen. Intussen lijkt de museumboot daar niet meer weg te denken.

Het is een vertrouwd beeld geworden vanaf de Dijk. Met een onderbreking van twee maanden vorig jaar zomer ligt De Halve Maen al sinds eind maart 2020 te pronken in de haven. Niemand zal er meer van opkijken als dat voorgoed wordt. De bemanning wil niets liever, de naburige ondernemers in de toeristische sector zien het eveneens als een meerwaarde en zolang er liggeld wordt betaald klinkt er vanuit het stadskantoor evenmin een wanklank. Verantwoordelijk wethouder Hans Schütt is zelfs een enorme fan van dit vaartuig.

Verkassen
Vorig jaar – de coronapandemie had net vaste voet aan wal gekregen in Nederland – voer het schip de haven van Volendam binnen. Het moest verkassen uit Hoorn, waar het bijna vijf jaar de thuisbasis had. Voorlopig zou de blikvanger in Volendam blijven liggen, in elk geval tot begin juni als de boot koers zou zetten naar de Rotterdamse wijk Delfshaven. Daar diende het als decor voor de herdenking van het vertrek van de Pilgrim Fathers naar Amerika, vierhonderd jaar geleden. In augustus keerde het terug van deze manifestatie. Niet meer op de oude plek recht tegenover het havenkantoor, maar langs het Havendijkje.

Daar ligt het lekker ’gezichtsbepalend’ te zijn en er zijn tal van activiteiten, voor zover de coronarichtlijnen die mogelijk maken. ,,We hebben goed contact met de havenmeester’’, vertelt woordvoerder Arthur de Rooij. ,,En verder werken we samen met de ondernemers hier, zoals de hotels Spaander en Old Dutch en de Marken Express. We willen voor deze regio een vaste waarde zijn.’’

Rondleidingen worden nog niet gegeven, omdat ze covidtechnisch nog niet kunnen. Maar wie het schip wil bezichtigen en een algemeen verhaal wil horen over de historie van de boot, is welkom.

Lees het gehele artikel op de bron: NHD Premium, alleen voor abonnees