Nieuws

Doodskisten en Plimsoll

Er waren voor 1870 eigenlijk geen veiligheidsregels waaraan een reder zich moest houden. Zo bleven wrakke schepen in de vaart en werden niet voor niets varende doodskisten genoemd. Schepelingen kenden deze onfrisse praktijken en weigerden soms aan te monsteren op een dergelijk schip. In Engeland zijn meer dan 2000 rechtszaken bekend van zeelieden die al waren aangemonsterd, maar bij het zien van de staat van het schip liever voor een veroordeling kozen dan aan boord te stappen.

Niet alleen werden de schepen uit winstbejag te lang in de vaart gehouden. Ze werden soms zelfs met opzet naar zee gestuurd om te vergaan. Hiermee werd de verzekering opgelicht. Veel reders hadden nog oude houten zeilschepen, terwijl ijzer en stoom al in opkomst waren. Ze wilden op een zo voordelig mogelijk manier van hun ouderwetse en uitgediende zeilschepen af. Vaak waren zij vermolmd of door paalworm aangevreten. Maar een vers laagje verf kon veel verdoezelen. Zo kregen reders het voor elkaar om slechte schepen tegen een hoge vervangingswaarde te verzekeren. De vreemde situatie ontstond daarmee, dat het voor de reders voordeliger was dat een schip nooit op haar bestemming zou aankomen en voortijdig tenonder zou gaan, dan dat het behouden zou blijven.

Plimsollmerk - Wikipedia
Plimsoll merk

Samuel Plimsoll
In de 19e eeuw ergerde Samuel Plimsoll, een Britse parlementariër, zich groen en geel aan deze praktijken, waarover hij van een vriend bij verzekeraar Lloyd’s had gehoord. Deze vriend vertelde dat in 30 jaar geen enkel schip bekend was dat op een ordentelijk manier aan het eind van haar leven was gesloopt. Alle schepen die bij Lloyd’s verzekerd waren geweest, waren uiteindelijk vergaan. Plimsoll vond dat er strenge regelgeving moest komen om dit soort mensonterende uitwassen te voorkomen. Uiteindelijk zou hij hiervoor de handen op elkaar krijgen.

Lees het gehele artikel van Jaap Gestman Gerardts in de papieren of digitale Schuttevaer, alleen voor abonnees

Afbeelding: een beroemd houten zeilschip uit 1904: de Charlotte Rhodes uit de Onedinline