‘Wíl Amsterdam haar bootbewoners eigenlijk wel?’

Sander Rutten, voorzitter van de Woonbootvereniging Amsterdam, maakt zich boos over de woonlastenverhoging voor woonbootbewoners. In deze ingezonden brief in Het Parool stelt hij dat dezelfde mechanismen in werking treden als bij de toeslagenaffaire.

De afgelopen weken hebben bootbewoners ervaren wat het is om een minderheid te zijn en niet gehoord te worden. 2000 Amsterdammers moeten jaarlijks ruim 1 miljoen euro extra ophoesten voor de Amsterdamse schatkist. Een woonlastenverhoging van gemiddeld 100 euro per maand.

Deze woonlastenverhoging was ingegeven door gewenste politieke uitkomsten. Pas door een WOB-verzoek van onze vereniging kwam dat aan het licht. Verantwoordelijk wethouder Victor Everhardt (D66) suggereerde dat bootbewoners te weinig betalen voor hun ligplaatsen en dat daarom de tarieven omhoog moeten. Maar uit zijn eigen gegevens, die hij niet deelde met de gemeenteraad, blijkt dat in Amsterdam al het hoogste liggeld werd betaald. Dit wordt nu ook nog eens verdubbeld.

In een leesbaar boekje presenteerden we de raadsleden de door de wethouder achtergehouden informatie. Ondanks dit informatieboekje, talloze e-mails, media-aandacht en rumoer op sociale media was de overgrote meerderheid van de raad doof voor onze argumenten. Hij stapte over het gebrek aan essentiële democratische waarborgen heen, met stilzwijgen of door ontkenning. Op wat kleine oppositiepartijen na maalt geen enkel raadslid om deze ondemocratische werkwijze.

Als inwoners van Amsterdam voelen wij ons vogelvrij. Waar vinden wij bescherming tegen een overheid die op valse gronden een forse en onredelijke belastingverhoging doorvoert? Op de woonboten in Amsterdam – een kwart van alle woonboten in Nederland – woont een kleurrijke en diverse groep mensen die Amsterdam een beetje meer Amsterdam maakt. Het gemeentebestuur handelt alsof zij deze groep liever kwijt dan rijk is.

Lees de gehele lezersbrief op de bron: Parool