Onder zeil met het ruim vol tarwe en bier

Schipper Wiebe Radstake – ook muzikant – zet de klok een eeuw terug. Hij gaat zeilend en op zoutbatterijen vracht en passagiers vervoeren met zijn 23 meter lange tjalk Vrijbuiter. Een proefvaart.

Westerschelde, slagader van de economie. Een processie van schepen – gastankers, containerschepen, roll-on-roll-offschepen vol nieuwe auto’s – trekt er vrijwel continu ronkend en rokend overheen, van en naar Antwerpen. Bij Walsoorden, in Zeeuws-Vlaanderen, loopt de vaargeul zo dicht langs het haventje dat je ze bijna kunt aanraken.

Even is er een luwte in de verkeersstroom. Schipper Wiebe Radstake (32) stuurt zijn tjalk naar buiten en laat de zeilen hijsen. Zodra hij tussen de havenhoofden is, zet hij de motor uit. Hij zet zo ook de klok een dikke eeuw terug. De platbodems die Walsoorden toen aandeden, om bieten of vlas te laden bijvoorbeeld, hádden meestal niet eens een motor. Je had je maar te voegen naar de luimen van de wind en het water. Als er al water was, want Walsoorden was toen een getijdenhaventje dat twee keer per dag droogviel, zodat de schepen urenlang op hun platte bodem in de modder lagen.

Tweede leven
Radstakes schip is in 1901 in Meppel gebouwd voor de binnenvaart. Met 23 meter was het voor zijn tijd niet groot en niet klein. Na hun tijd te hebben uitgediend, verbouwd tot motorschip en zonder tuigage, zijn de meeste binnenvaartschepen gesloopt. Ze konden de schaalvergroting en het tempo niet bijbenen. Toch zijn ze niet uitgestorven. Sommige kregen een tweede leven als charterschip.

Lees het gehele artikel op de bron: NRC

Foto: Facebook Vrijbuiter-Zeilen