Het vet is van de botten, maar de Huizer botters leven nog

„Bijzonder toch, een boot uit 1901. Ik heb nog nooit zoiets meegemaakt, dus ik ben wel benieuwd”, zegt Peter Krabshuis die met zijn vrouw Caroline zaterdag bij de Huizer Botterdag op een van de vier Huizer botters opstapt.

De wethouders Roland Boom en Marlous Verbeek openden zaterdagochtend op de Botterwerf het vaarseizoen door de fok van de HZ 108 te hijsen. Tegelijkertijd werd de expositie geopend waar allerhande historie rondom de botters te zien is. „Wij willen ook de geschiedenis rondom de botters inzichtelijk maken. Van visrokers en mandenmakers tot de werkzaamheden op de scheepswerf”, vertelt Rob Bos, bestuurslid Marketing & Communicatie bij de Huizer Botters.

Zeilen omhoog
Er waren gedurende de gehele dag liefhebbers om een uurtje mee te varen en de nieuwe expositie te bekijken. „Heerlijk op het water en lekker vrij”, meent Huizer Nora Tee, die klaar zit voor haar inmiddels al tiende jaar dat ze meegaat. „Ze geven altijd veel uitleg en je ervaart een beetje hoe het toen was.” Jan Ilmer hoopt wel dat de zeilen zo meteen gehesen worden. „Want alleen op de motor is natuurlijk geen bal aan.”

Als de boten uit de haven richting Almere gaan, gaan de zeilen inderdaad omhoog, vertelt het echtpaar Krabshuis uit Maarn. „Het is precies twintig jaar geleden dat Paul Otts ons met zijn boot heeft meegenomen. Hij vroeg ons nu weer om een keer mee te gaan”, vertelt Caroline.

Otts: „Ik heb zelf een elf meter lange stalen botter en ze wilden nog eens meevaren. Maar ik zei, ga eerst maar eens een uurtje met een proefvaart mee. Misschien vinden jullie er niks aan”, aldus de 81-jarige Huizer. De Krabshuizen zijn echter razend enthousiast. „Maar mijn boot zeilt niet zo goed als deze houten botters hoor”, legt uit. „Dit is seriebouw en dat is altijd beter.”

Lees het gehele artikel op de bron: NHD Premium, alleen voor abonnees

Foto: stichting Huizer Botters