De Halve Maen kan altijd terug naar Volendam

,,Hij heeft verlatingsangst’’, zegt wethouder Hans Schütt lachend als het historische schip De Halve Maen wat lastig uit de haven van Volendam wegkomt. De wens is hier de vader van de gedachte, want de portefeuillehouder toerisme in Edam-Volendam ziet de replica van het VOC-vaartuig liefst voorgoed terugkeren.

Ruim twee maanden lang is De Halve Maen te bewonderen geweest in Volendam. Nu is het op weg naar Delfshaven in Rotterdam, waar het als decor zal dienen voor de herdenking van het vertrek van de Pilgrim Fathers naar Amerika, vierhonderd jaar geleden. Eerder lag het museumschip vijf jaar lang in Hoorn, maar de plaatselijke politiek vond het te kostbaar worden. Publiciteitswaarde is echter niet in geld uit te drukken, vinden de collega’s in Edam-Volendam. Dat blijkt als burgemeester Lieke Sievers en wethouder Hans Schütt deze donderdagochtend kort voor het vertrek verwelkomd worden door Eduard van Breen, mede-eigenaar van het schip. Of ze straks nog een stukje meevaren, vraagt hij. ,,Dat zou ik best willen’’, antwoordt Sievers, maar haar agenda laat het niet toe. ,,Dat komt wel een keertje.’’ Waarop Schütt het voorzetje inkopt: ,,Want jullie komen hier terug, hebben we net besloten.’’

Natuurlijk ligt het toekomstige lot van De Halve Maen in de handen van Van Breen. Er zijn meerdere kandidaat-ligplaatsen, ook aan de andere kant van de oceaan, heeft hij al eens gezegd. Feit is dat de boot over twee maanden, als het verblijf in Delfshaven ten einde loopt, érgens naartoe moet. ,,We hebben hier zó veel positieve reacties gehad’’, laat Sievers nog maar eens weten. 

Lees het gehele artikel op de bron: NHD