Broodje lood uit 1746 houdt de Witte Swaen stabiel

Er resteren nog duizenden uren werk voordat de Witte Swaen, het expeditieschip van Willem Barentsz de zeilen kan hijsen. Als het zover is, ligt het stabiel in het water. Met lood uit 1746.

Op de Willemskade in Harlingen wordt al jarenlang hard gewerkt aan de reconstructie van de Witte Swaen. Zo’n 17000 uren is er al in gestoken en er wachten nog 3000, becijfert voorzitter Paul Meijeraan van de Stichting Expeditieschip Willem Barentsz. Komende zondag belooft weer een bijzonder moment te worden voor de bouwers.

Dan arriveert de zeil- en roeisloep van het expeditieschip in de haven met een broodje lood. De bemanning heeft de 100 kilo zware brok opgehaald van Texel. Dit broodje en nog 59 krijgt de stichting de komende tien jaar in bruikleen van Museum Kaap Skil. Het eilander museum van jutters en zeelui kan na de vondst in de jaren tachtig van een scheepswrak vol lood in de Waddenzee wel iets missen.

Stabiliteit
De 6000 kilo is, naast de reeds 15.000 kilo in het schip geladen lood, noodzakelijk voor een goede stabiliteit. Het wrak zelf bleek bij de vondst in de westelijke Waddenzee geheel vergaan, maar de lading van het zogenaamde loodwrak bleek nog intact. Ieder broodje lood is gestempeld met 1746.

Het museum is blij dat het lood nu een tweede bestemming krijgt. Donderdagmiddag wordt het lood op Texel plechtig overgedragen. Rond drie uur in de middag wordt de sloep met het broodje lood in Harlingen verwacht.

Lees het gehele artikel op de bron: LC

RVEN
EOC