Boek over de bewogen geschiedenis van de reddingboot ‘Brandaris’

TERSCHELLING – De voormalige reddingboot ‘Brandaris’ van Terschelling mag dan bijna 100 jaar oud zijn, ze oogt sinds enige jaren weer als nieuw. Na een imposant bestaan als redder van 519 schipbreukelingen en een tweede leven als plezierjacht, heeft deze eilander icoon na grondige restauratie nu de erkenning van Nationaal Varend Erfgoed. De Terschellinger publicist Jan Heuff schreef er een boek over. Dat werd vorige week in Museum ’t Behouden Huys feestelijk ten doop gehouden.

De ‘Brandaris’ werd in 1923 gebouwd. Terschelling beschikte sinds 1910 al over een reddingboot met die naam, maar deze verging in 1921 met man en muis. In haar actieve leven bezocht de tweede ‘Brandaris’ met regelmaat de haven van Harlingen, om geredden en eilander patiënten af te zetten, of om een kottertje binnen te slepen. De ‘Brandaris’ ging met regelmaat bij Welgelegen aan de Zuiderhaven op de helling en door deze werf werd in 1939 zelfs een geheel nieuwe koperen stuurkap geplaatst.

Ook voor de Harlinger vissersvloot gold de ‘Brandaris’ in geval van nood als steun en toeverlaat. Zoals op 11 januari 1936 voor de ‘HA 39’ van Douwe Tot, neef van de toenmalige reddingbootschipper Douwe Tot. Uit het boek: De Kustwacht meldt dat er een scheepje bij Griend ligt met een noodsein op. Het is stormweer, zo nu en dan dik van de regen. Met veel moeite wordt het schip bereikt, dat het vissersvaartuig ‘HA 39’ blijkt te zijn. De drie opvarenden, de schipper en zijn beide zoons, springen direct aan boord. Ze hebben de hele nacht aan dek doorgebracht en zijn totaal verkleumd. De ‘HA 39’ maakt water en gaat verloren. Het drietal wordt in Harlingen veilig aan wal gebracht. Het verlies van het kottertje brengt visserman Tot en zijn gezin en de inwonende vader in financieel zwaar weer. Dat ontgaat de inspecteur van het Loodswezen in Harlingen niet. Die attendeert secretaris De Booy van de Reddingmaatschappij op de mogelijkheid om ‘den ouden Hessel Tot’ voor te dragen voor een uitkering uit het Dorus Rijkersfonds. Tot sr. was namelijk roeier van de reddingboot van Vlieland.

De gerestaureerde Brandaris

Ook in oorlogstijd loopt de ‘Brandaris’ wel eens de haven van Harlingen binnen. Op 9 mei 1945 voert ze een bijzondere missie uit, terwijl een patiënt naar de wal moet. Het vasteland is inmiddels bevrijd, maar de bezetting op Terschelling en de andere eilanden duurt maar voort. Bovendien is het eiland sinds 12 april geïsoleerd; de veerboten mogen van de bezetter niet meer varen. Aan boord is ook verzetsman Willem Zaadnoordijk, die aan de wal de autoriteiten moet bewegen de nog aanwezige Duitsers op Terschelling te ontwapenen. De ‘Brandaris’ blijft die nacht in het reeds bevrijde Harlingen. Terschelling kan pas op 30 mei haar bevrijding gaan vieren.

Lees het gehele uitgebreide artikel op de bron: Harlinger Courant

Afbeelding: De ‘Brandaris, in oorlogswit en met een rood kruis op de stuurkap, verlaat de haven van Harlingen. (Foto: archief KNRM)

RVEN
EOC