De dreigende ondergang van de Delft, vanuit het bestuur

Bij het nieuws over het naderende failisement van Historische Scheepswerf de Delft staat er ook meer over de achtergrond in de nieuwsbrief aan de Vrienden van de Delft:

“Ondanks alle inspanningen, adviezen van gebiedscommissie, ondanks de inzet van medewerkers en vrijwilligers, heeft het College van B en W Rotterdam besloten geen financiële middelen meer beschikbaar te willen stellen voor de realisatie van een unieke maritieme belevenis- annex leerwerkproject, hier in Delfshaven.

In het besluit, en de schriftelijke toelichting daarbij, geeft de gemeente aan, dat al 18 jaar de kans geboden is een succesvol project te realiseren en daar meerdere malen subsidies, kredieten en opdrachten voor verstrekt zijn. Het College stelt vast dat het niet gelukt is op het niveau te komen van andere vergelijkbare attracties in andere steden en er ook geen perspectieven zouden zijn om wel het gewenste nivo te behalen.

Daarnaast wordt gesteld dat de aangeboden leerwerktrajecten niet passen bij de doelgroepen.

Wij, bestuur van de Delft, zijn zeer teleurgesteld, en dat is mild uitgedrukt, over dit besluit en daar valt nogal wat op af te dingen:

Ja, er is in het verleden veel geld in de Delft geïnvesteerd, maar toen wij, het toenmalig bestuur van de Stichting Onbenutte Kwaliteiten, in 2013 benaderd werden door Stichting Historische Werf Delfshaven en ons gevraagd werd te hulp te schieten om een faillissement te vermijden, hebben we daar positief op gereageerd, mede op grond van overleg met toenmalig gemeentebestuur en gemeentelijke diensten over o.a. de mogelijkheden voor uitvoeren leerwerktrajecten ( en die vormen de basis voor de financiering van de Delft)

In 2014 heeft de Stichting Onbenutte kwaliteiten daadwerkelijk de Stichting Historische Werf Delfshaven overgenomen en is begonnen met een grootschalig saneringsproces, waarbij schulden werden afgelost, personele herschikkingen werden uitgevoerd, enz. enz.

Bij elkaar opgeteld hebben we tot op heden 800.000 euro ( gelden vanuit de oude Stichting Onbenutte Kwaliteiten) geïnvesteerd in dit project.

Sinds de overname door Stichting OK heeft de gemeente NIMMER een subsidie aan de Delft verstrekt. Wel werden in de eerste 2 jaar leerwerktrajecten met de gemeente overeengekomen, maar telkens werden die minder en tegen lagere prijzen, waardoor de exploitatie steeds moeilijker werd en werden vanaf 2017 geen nieuwe trajecten meer overeengekomen.

Sterker nog. Bij afgesproken trajecten waarbij 120 kandidaten hier een scholingstraject zouden doorlopen, werden aanzienlijk minder kandidaten geleverd en dus ook “afgerekend” Ons werd door de dienst Werk en Inkomen verteld “dat men geen andere kandidaten uit het bijstandsbestand konden vinden” ( en daar staan er zo,n 35.000 in !)

De hele procedure van het aanbesteden van opdrachten tot uitvoeren van leerwerktrajecten (en dat moet volgens Europese richtlijnen) leidt ertoe dat vrijwel altijd de goedkoopste aanbieder de opdracht krijgt en dat zijn we niet. Hier willen we nl. ook nog dat schip bouwen en dat kan niet alleen met werkzoekende kandidaten, daar zijn leermeesters, vakmensen, machines, materialen enz. ook bij nodig. Wel hebben we de afgelopen jaren laten zien dat de kandidaten die wel een traject hier hebben afgerond, een veel betere positie op de arbeidsmarkt hebben gekregen. 30 tot 35% heeft regulier, betaald werk en is niet meer afhankelijk van een uitkering. Opmerkelijk is dat de instellingen aan wie de opdrachten wel gegund werden, ons nu benaderen of hun kandidaten bij ons ( zonder dat wij daar er vergoeding voor krijgen) stage mogen lopen! Ja, dan kun je tegen een lage prijs inschrijven!

We hebben in maart van dit jaar de gemeente verzocht ons te helpen en aangegeven dat de financiële situatie kritiek was. Pas in juli (na herhaaldelijke mails van onze kant) een reactie in de vorm van een bezoek van 2 beleidsambtenaren vanuit de sector Cultuur en Toerisme. Vanuit wethouder Moti, en die is toch verantwoordelijk voor de Werkgelegenheids-activiteiten, werd nooit een reactie vernomen, iets wat ons zeer verbaast en ook wel boos maakt.

Ja, dit dreigt de ondergang van de Delft te worden. Als we echt iets van dit project willen maken dan moet je bereid zijn om meerjarige afspraken te maken voor de bouw van dat schip en meerjarige afspraken om leerwerktrajecten hier uit te voeren. Incidentele opdrachten (en dus incidentele inkomsten) kunnen nooit voldoende middelen genereren om dit project tot een goed einde te brengen en daarmee dreigt een uniek project, passend in Rotterdam en zeker in Delfshaven, van de kaart te verdwijnen.

En daarmee verliezen medewerkers hun baan, maar ook tientallen (vaak oudere) vrijwilligers hun plek waar ze vaak jaren lang hun tijd en energie in hebben gestoken en die zeer aan dit project gehecht zijn.

De gebiedscommissie Delfhaven zag wel het belang en het perspectief voor dit project en adviseerde het College dan dan ook om de Delft die mogelijkheid wel te geven omdat het ook zo past in dit gebied, hier waar de oorspronkelijke Delft in 1782/1783 gebouwd werd.

Jammer, jammer, jammer: na het Schielandhuis en na de Dubbelde Palmboom zal nu ook de Delft ten onder gaan.

Johan Breukels

Tijdelijk directeur/bestuurder de Delft

 

EOC
RVEN