Blijven varen, anders is het gedaan

Hoe kun je nou voorkomen dat de traditionele schepen in de kachel belanden? Meindert Seffinga van het Fries Scheepvaart Museum heeft de oplossing ook niet voor handen maar weet wel: „It spul moat farren bliuwe. Oars wurde it museumstikken en dat is net de bedoeling.” In Heeg en Stavoren hebben ze daar iets op bedacht met de tjotters en de jollen. Initiatieven die goed uitpakken.

Heit en mem Piersma, zo werden ze door alle watersporters genoemd, dreven na de oorlog (tot 1977) een jeugdherberg in Heeg It Beaken, en een zeilschool met aanvankelijk vier tjotters. Eind 2008 vond de Nederlandse Jeugdherbergcentrale, inmiddels omgedoopt tot Stay Okay, dat de tjotters niet meer in het concept pasten. De schuiten raakten verspreid over verschillende werven. In 1996 werd de Stichting Friese Tjottervloot opgericht om de vloot te behouden en te promoten. De stichting Friese Tjottervloot bracht de elf platbodems weer bij elkaar in Heeg.

In Stavoren doet stichting De Staverse Jol er alles aan om het gelijknamige scheepje in de vaart te houden. De laatste originele vissersschepen uit de tijd van de zeilende visserij op de Zuiderzee vormen cultureel erfgoed. Maar het onderhoud van de 6 meter lange scheepjes is een zware last voor eigenaren. Veel houten Staverse jollen staan te koop. Volgens de stichting is het vijf voor twaalf voor de jol.

Om te voorkomen dat de houten schepen op het droge worden gezet of de nadagen van hun bestaan moeten slijten in een museum, organiseert de stichting er van alles mee. Zo wordt ieder jaar een aantal keren met de zeilende vissersschepen op traditionele wijze gevist op het IJsselmeer. Om de scheepjes ook in de toekomst in de vaart te houden enthousiasmeert de stichting jongeren om het vissen onder zeil te leren.

Lees het gehele artikel op de bron: de LC via blendle (€ 0,19 )

 

EOC
RVEN